Spring naar inhoud

Toegankelijkheidsopties:

Inleiding

Inleiding (titel verborgen)

Uit recent onderzoek blijkt dat jongeren in Nederland steeds vaker te maken hebben met stress, een laag emotioneel welzijn en psychische gezondheidsproblemen.1–3 Ondanks dat het aandeel jongeren dat te maken heeft met deze problematiek sinds 2022 ongeveer stabiel is gebleven, is het wel de leeftijdsgroep die het vaakste met deze problematiek te maken heeft.1 Bijna een op de drie jongeren voelt zich regelmatig eenzaam (29%) en het aandeel dat zich sterk emotioneel eenzaam voelt, is tussen 2019 en 2022 bijna verdubbeld.2 Uit de Gezondheidsmonitor Jeugd van het Rijksinstituut voor Gezondheid en Milieu3 blijkt dat dit voor jongeren in de gemeente Groningen nog sterker geldt dan gemiddeld in Nederland: zij ervaren een lagere gezondheid, geven vaker aan ongelukkig te zijn, hebben vaker (ernstige) psychische klachten, zijn minder weerbaar, hebben vaker suïcide gedachten en zijn vaker eenzaam of kunnen bij niemand terecht.3 Om jongeren te helpen deze uitdagingen het hoofd te bieden heeft VRIJDAG, in opdracht van de gemeente Groningen, het programma Open Studio ontwikkeld. Dit initiatief biedt jongeren (tussen de 12 en 27 jaar) een veilige omgeving waarin zij zich creatief kunnen uiten en persoonlijke groei kunnen ervaren.

1.1 Het programma Open Studio’s

In de gemeente Groningen is door VRIJDAG het Open Studio-programma opgezet als een (preventief) instrument om diverse problemen bij jongeren aan te pakken, zoals gevoelens van eenzaamheid, depressieve klachten, stress en sociale isolatie. Op dit moment zijn er tien studio’s actief in de verschillende wijken van de gemeente Groningen en een studio in Pekela. Elke studio heeft een unieke discipline en identiteit die mede wordt gevormd door de interesses van jongeren zelf, zodat zij een plek kunnen vinden waar zij zich thuis voelen. De disciplines variëren van theater en muziek tot dans en beeldende kunst. Onder begeleiding van een kunstenaar – zoals een producer, tekstschrijver, muzikant of beeldend kunstenaar – krijgen jongeren de kans om aan creatieve projecten te werken. Meestal is ook een jongerenwerker van WIJ Groningen aanwezig voor de begeleiding bij de Open Studio’s.

1.2 De relatie van kunst met (mentale) gezondheid, eenzaamheid en delinquent gedrag

In de laatste jaren gaat er steeds meer aandacht uit naar de relatie tussen kunst en gezondheid. De World Health Organization (WHO) heeft in 20194 een rapport uitgebracht waarin 962 artikelen over de invloed van kunst op verschillende aspecten van gezondheid zijn beoordeeld. Daaruit komt een positieve invloed naar voren van kunstuitoefening op de sociale saamhorigheid, ontwikkeling van het kind en het verbeteren (of stabiliseren) van mentale problematiek.4 Ook in andere onderzoeken wordt deze relatie gevonden.5,6 Daarbij lijkt zowel passieve als actieve deelname aan kunstprogramma’s bij te dragen aan het kunnen herkennen, begrijpen, beïnvloeden en uiten van emoties.7

Toch moet er een kanttekening geplaatst worden bij de huidige staat van onderzoek naar de invloed van vrij toegankelijke kunstprogramma’s op het welzijn en/of probleemgedrag van jongeren. Uit meerdere onderzoeken blijkt dat de kwaliteit van uitgevoerde onderzoeken laag of matig is.8,9 Al lijkt er wel een indicatie te zijn dat vrij toegankelijke kunstprogramma’s effectief kunnen zijn in het versterken van het welzijn van jongeren, vooral bij die met psychosociale of mentale problemen.9–14 Deze positieve effecten uiten zich bijvoorbeeld in minder stress, een verhoogd zelfbeeld en een verbeterd gevoel van welbevinden onder jongeren.15–18 Daarnaast dragen kunstprogramma’s bij aan het bieden van een manier om negatieve emoties te verwerken en uiten. Dit leidt ook tot een grotere weerbaarheid en meer empathie.17,19,20 Bovendien lijken jongeren zich competenter en meer gewaardeerd te voelen en durven zij meer zichzelf te zijn. Door deelname aan kunstprogramma’s groeit het zelfbeeld en zelfbewustzijn van jongeren, waardoor zij trots zijn op zichzelf, en wordt hun autonomie versterkt.15,17–19,21,22 Uiteindelijk leidt dit tot meer zelfinzicht, persoonlijke groei en zelfsturing.17–19,22

Naast een positief effect op de (mentale) gezondheid van jongeren, lijkt er ook een gunstige invloed te zijn van kunstprogramma’s op de sociale interacties van jongeren. Zo lijken verschillende vormen van kunst sociale interactie te bevorderen en bij te dragen aan een groepsgevoel en verbondenheid met anderen. Dit betreft zowel betere interactie met andere deelnemers van het kunstprogramma, als daarbuiten (bijvoorbeeld met familie of gemakkelijker een sociale interactie met een vreemde).15,17,18,21,22

Ten slotte lijkt er ook een effect te zijn van dit soort programma’s op het verminderen van probleemgedrag bij jongeren die in aanraking zijn geweest met justitie. Dit komt door het aanleren van nieuwe vaardigheden en het leren om zich op een andere, betere manier te kunnen uiten.10,12 Voorwaarden hierbij zijn het creëren van een veilige ruimte waarin jongeren op een gelijkwaardige manier behandeld worden en zij gemotiveerd worden in hun eigen kunnen en gewaardeerd worden voor wie zij zijn.18,19,21,22 De persoonlijke relatie die wordt opgebouwd met jongeren lijkt daarin een bepalende factor te zijn.20

1.3 Maatschappelijke kosten

In een onderzoek naar het verband van eenzaamheid met zorgkosten onder Nederlandse volwassenen, blijkt er een direct en indirect verband (via een lager welzijn) te zijn tussen eenzaamheid en hogere zorgkosten.23 De onderzoekers schatten in dat de jaarlijkse uitgaven door eenzaamheid ongeveer 435 miljoen euro zijn.

Ook dragen eenzaamheid en mentale problematiek bij aan voortijdig schoolverlaten.24 Een onderzoek naar Amerikaanse voortijdig schoolverlaters stelt dat de maatschappelijke kosten toenemen door lagere belastingopbrengsten, een groter beroep op sociale voorzieningen en de kosten die ontstaan door meer criminaliteit.25 Uit dit onderzoek blijkt ook dat verschillende programma’s om voortijdig schoolverlaten te voorkomen kostenefficiënt zijn (ratio variërend van 1 op 1,46 tot 1 op 3,54).

Naast de maatschappelijke kosten van problemen met het (mentale) welzijn en voortijdig schoolverlaten, zijn er ook de maatschappelijke kosten van delinquent gedrag. In een studie naar problematische jeugdgroepen in een (niet-gespecificeerde) grote gemeente in Nederland wordt een indicatie gegeven van deze kosten.26 Daarbij onderscheidt de auteur drie domeinen waar extra kosten worden gemaakt door delinquent gedrag, namelijk:

  • Onderwijs, werk en inkomen. Bijvoorbeeld schoolverzuim, lagere arbeidsparticipatie, meer schulden;
  • Veiligheid. Bijvoorbeeld meer delicten en overlast;
  • Zorg en ondersteuning. Bijvoorbeeld meer gebruik van voorzieningen.

In het onderzoek wordt een onderscheid gemaakt tussen criminele groepen, die de maatschappij jaarlijks 1,9 miljoen euro per jeugdgroep  zou kosten (voornamelijk justitie) en overlastgevende jeugdgroepen die de maatschappij jaarlijks 1,5 miljoen euro per jeugdgroepi kost (groot deel betaald door de gemeente; zie bijlage 1 voor een overzicht van de kosten zoals gebruikt in het rapport).26

i Jeugdigen in de leeftijd van circa 12 tot 25 jaar die in groepsverband actief zijn in het publieke domein. Meer in het bijzonder gaat het om jeugdgroepen die (maatschappelijke) problemen veroorzaken, die het meest zicht- en voelbaar zijn in de sfeer van overlast en criminaliteit.26

1.4 Doel van het onderzoek

De gemeente Groningen heeft de afdeling Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) gevraagd om te onderzoeken of het programma Open Studio kan worden gezien als een effectieve interventie. Dit onderzoek moet inzicht geven in de impact van de studio’s op het welzijn en de sociale participatie van jongeren, evenals in de effectiviteit van de gehanteerde methodes.

De hoofdvraag is: 

Wat is de impact van het Open Studio programma op het welzijn, de mentale gezondheid en de sociale participatie van jongeren, en welke factoren dragen bij aan de effectiviteit van deze creatieve interventie?

Om de hoofdvraag te beantwoorden, zijn enkele deelvragen opgesteld:

     1. Hoe ervaren jongeren de deelname aan de Open Studio in termen van welzijn en mentale gezondheid?

     2. Welke persoonlijke vaardigheden (zoals autonomie, zelfexpressie en sociale interactie) ontwikkelen jongeren door hun deelname aan de Open Studio?

Effectiviteit van het programma:

     3. Welke elementen van de Open Studio (bijv. laagdrempeligheid, kunstdiscipline, begeleiding) dragen het meest bij aan de impact op jongeren?

Bereik en toegankelijkheid:

     4. Welke jongeren maken gebruik van de Open Studio, en hoe bereikt het programma nieuwe doelgroepen (bijv. jongeren met minder toegang tot reguliere activiteiten)?

     5. Welke barrières ervaren jongeren bij deelname aan de Open Studio?

Duurzaamheid en toekomstperspectief:

     6. Hoe kan het programma bijdragen aan het voorkomen van maatschappelijke kosten?